Oude brillenglazen met een nieuw montuur - is dat mogelijk?

Als u niet langer tevreden bent met uw montuur, maar de glazen passen nog steeds perfect bij uw gezichtsvermogen, hoe kan de opticien u dan helpen bij het vinden van een nieuw model?

De mode verandert steeds sneller. Dat geldt niet alleen voor kleding en schoenen, maar ook voor brilmonturen. Twee jaar geleden nog konden ranke modellen veel mensen enthousiast maken, maar momenteel zijn juist bredere monturen weer helemaal in. En wie kan voorspellen wat de trend voor volgend jaar zal zijn? Het is echter niet altijd nodig om een gloednieuwe bril te kopen. In bepaalde gevallen kan de opticien uw huidige brillenglazen, die u optimaal zicht bieden, overbrengen op een nieuw montuur.

Oude brillenglazen met een nieuw montuur - is dat mogelijk?

Oude brillenglazen met een nieuw montuur - is dat mogelijk?

De mode verandert zo snel dat het niet altijd makkelijk is om deze bij te houden. Als felgekleurde kleding het ene jaar de nieuwste trend is, dan duurt het nooit lang voordat diezelfde kleding op afkeurende blikken kan rekenen. Maar niet alleen spijkerbroeken, jurken, blouses, overhemden en schoenen zijn gevoelig voor modetrends. Ook voor brilmonturen ontstaan telkens weer nieuwe trends. Zo kan het dus steeds weer gebeuren dat u ineens niet meer zo gelukkig bent met uw huidige montuur. Maar betekent dat dus ook dat u daarmee een nieuw paar brillenglazen nodig hebt? "Soms is het mogelijk om oude brillenglazen in een nieuw montuur te plaatsen.

 

Daarbij spelen bepaalde gegevens, namelijk centreerparameters, een belangrijke rol. Om de prestatie van moderne brillenglazen optimaal te benutten moet het exacte brandpunt nauwkeurig worden vastgesteld. Steeds vaker vereist een dergelijke nauwkeurigheid de inzet van de allermodernste technologie, zoals zeer nauwkeurige meetsystemen, bijvoorbeeld de moderne centreersystemen of het revolutionaire i.Profiler-systeem van ZEISS.

 

Voorbeelden van moderne brillenglazen zijn individueel gemeten en aangepaste glazen, zoals het unifocaal brillenglas Clarlet Individual of het multifocale brillenglas ZEISS multifocaal Individual 2.

 

Om optimaal gebruik te maken van de optische prestatie van aangemeten brillenglazen registreert de opticien de volgende centreerparameters: de afstand tussen het middelpunt van de pupil en dat van het montuur, de afstand tussen de onderrand van het montuur en het middelpunt van de pupil, de afstand tussen de achterkant van het glas en het voorste puntje van het hoornvlies, de hoek tussen de buitenkant van het glas en de verticale gezichtslijn (technische term: inclinatie) evenals de hoek tussen de buitenkant van het glas en de horizontale gezichtslijn (oftewel de kromming). De uitgebreide lijst centreerparameters alleen al duidt op de enorm gevoelige functionaliteit van moderne brillenglazen en op het belang van de wisselwerking tussen de ogen, de brillenglazen en de geschikte monturen. Daarom is het alleen in zeer weinig gevallen mogelijk om "oude" aangemeten brillenglazen over te zetten naar een nieuw montuur. De mogelijkheid om gebruikte brillenglazen te gebruiken met een nieuw montuur is het grootst bij unifocale standaardglazen, omdat daarbij alleen de afstand tussen de pupillen identiek moet zijn.  Bij unifocale standaardglazen zijn de overige centreerparameters in het algemeen niet nodig. "Natuurlijk speelt de sterkte van de brillenglazen ook een doorslaggevende rol", aldus de expert Heike Rudolph. "Hoe sterker het optisch effect van een brillenglas, des te kleiner zijn de toleranties bij het maken van de bril".

 

Multifocale brillenglazen zijn nog problematischer. "In dat geval zijn de toleranties helaas nog beperkter aangezien de brillenglazen, hoewel ze heel klein zijn, nauwkeurig zicht in de verte, nabij en middelver mogelijk moeten maken. Het brillenglas moet daarom een heus technisch meesterwerk zijn, omdat het niet alleen tegelijkertijd bijziendheid, verziendheid en presbyopie moet corrigeren, maar ook nog eens helder zicht moet bieden voor alle tussenliggende afstanden. "In dit geval is het slechts in zeer weinig gevallen mogelijk om oude brillenglazen over te brengen op een nieuw montuur", zo verklaart de Berlijnse opticien.

Ook de toestand van de brillenglazen moet in aanmerking worden genomen. Ze mogen niet te zeer gekrast zijn omdat de nieuwe afstelling nog meer spanning op de buitenkant van het brillenglas uitoefent. Het inzetten van nieuwe brillenglazen in oude brilmonturen levert daarentegen helemaal geen problemen op. Wie het montuur heeft gevonden dat precies bij hem of haar past en er zonder meer tevreden mee is, kan bij elke opticien nieuwe brillenglazen in laten zetten. Zolang het materiaal nog functioneert is daar niets op tegen.

Deze website maakt gebruik van cookies. Cookies zijn kleine tekstbestanden die door websites op uw computer opgeslagen worden. Cookies worden veelvuldig gebruikt en helpen webpagina's met een geoptimaliseerde weergave en het verbeteren daarvan. Door gebruik te maken van onze webpagina's gaat u daarmee akkoord. meer